Arnhem weer een korenstad maken. Dat is de droom van Marcel van Silfhout (57), de man die in 2017 aan de wieg stond van GraanGeluk. Dat is inmiddels uitgegroeid tot een project met ruim 120 hectare aan akkerland, in pacht of in samenwerking met boeren. Van de bijzondere granen die zijn teruggebracht in het cultuurlandschap, wordt bier, brood en pasta gemaakt.
Tekst: Marco van Nek – Beeld: Elly Molenaar
Marcel van Silfhout was (onderzoeks)journalist. Hij maakte producties voor onder meer het Utrechts Nieuwsblad (tegenwoordig AD), Zembla (VARA), KRO Reporter en Follow The Money. Hij onderzocht onder meer wat misgaat in de lange voedselketen van tegenwoordig. Dat opende hem de ogen dat het anders moest. En omdat niemand die uitdaging aanging, deed hij het zelf. Nu noemt hij zichzelf boernalist.
Systeemcrisis
‘‘Het begon allemaal toen ik in 2014 het boek Uitgebeend schreef, over hoe veilig ons voedsel nog is. Ik realiseerde me dat het allemaal anders moest. Meer ecologisch. Ik had het rond 2016/2017 ook wel gehad met de journalistiek. Mijn laatste verhalen waren voor Follow The Money. Die waren onthullend. Over de chemische additieven voedselindustrie. Krekelmeel, kweekvlees, 3D-printed synthetisch voedsel.
‘‘Het ging in die verhalen ook over landbouw en natuur. Hier is sprake van een systeemcrisis. Ik dacht: het moet anders kunnen. De kruidenrijke graanakker terug in ons cultuurlandschap. Zoals het in mijn jeugd was. En dat wilde ik aantonen. Dus vatte ik het idee op om het voor een paar jaar zelf te gaan doen. Het was nooit mijn bedoeling om na acht jaar nog steeds projectleider te zijn. Ik had voor mezelf een rol als ambassadeur voor GraanGeluk in gedachten. En dan had ik weer boeken kunnen gaan schrijven. Onder meer over dit project.’’
Maar GraanGeluk werd zo’n succes, groeide zo snel en kreeg zo veel positieve reacties, dat Van Silfhout nu nog steeds projectleider is. Of projectstrijder, zoals hij zelf zegt. ‘‘Ik begon in 2017 met een akker op het Westbergveld in Wageningen. Een jaar later is de sprong naar Quadenoord in Renkum gemaakt. Met akkers vol bijzondere granen en akkerkruiden. Ik ben de samenwerking met boeren aangegaan. Inmiddels is er ook een Noordhollands cluster en zitten we met onze akkers tot op Texel aan toe.’’
Financieel moeilijk
Het streven van Van Silfhout is om met GraanGeluk het systeem in het hele landschap te herstellen. ‘‘Ik heb hiermee laten zien dat het kan. Dat is belangrijk. Maar het is financieel wel moeilijk. Te moeilijk, vind ik. Als ik niet biologisch ben gecertificeerd, krijg ik de reguliere marktprijs voor wat van de akkers komt. Biologische certificering duurt twee à drie jaar. Een derde van onze akkers heeft nu het predikaat biologisch. Alleen voor biologisch krijg je een goede prijs. Als je teelt op een manier die beter is voor de groene kant, dan stuit je zonder biologische certificering toch op de marktprijs.’’
Gewasbestrijdingsmiddelen zijn bij GraanGeluk uitgesloten. Akkerkruiden langs de randen én in het veld brengen het beeld van het historische akkerlandschap terug. En bijzondere graansoorten keren dankzij GraanGeluk terug in Nederland. ‘‘Veluws kruiprogge is onze grootste trots, want die was zelfs uitgestorven’’, zegt Van Silfhout.

‘‘Akkers zijn de meest bedreigde biotoop in Europa. Een onbespoten akker, met goed bodembeheer, biedt de grootste kans op diversiteit. We vallen met onze producten van die akkers goed in de smaak. Met onze bieren hebben we al vaak prijzen gewonnen. Bij Untappd is ons roggebier twee keer tot beste van Nederland gekozen. En doordat onze granen van onbespoten land komen dat met ruige vaste stalmest vruchtbaar wordt gemaakt, heeft het brood dat we ervan maken een enorme smaakrijkdom. Daar komen mensen uit het hele land voor naar Arnhem.’’
Gouden samenwerking
Daar heeft GraanGeluk inmiddels een eigen bakkerij, Bakkerista aan de Steenstraat. ‘‘We hebben daar de bakkerij met winkel van Tom van Otterloo overgenomen en zijn overgeschakeld op honderd procent desem. Naast het brood van onze granen in onze eigen bakkerij zijn er nog acht bakkers in de wijde regio waar we aan leveren. Die samenwerking is goud waard. In het Broodje Gelderse Vallei van bakker Bas van Leersum in Doorwerth en Bennekom zitten onze granen. Het Nijmeegse Broodje Nimma en Broodje Gelderland bakken wij vanuit de Bakkerista.’’
Van Silfhout vertelt zijn verhaal in het kantoor van GraanGeluk aan de Zijpendaalseweg in Arnhem, tegenover Park Sonsbeek waarin de witte watermolen voor GraanGeluk aan het werk is. ‘‘Die draaien het hele jaar voor ons, voor ons rosandebrood. Van spelt, emmer en eenkoorn uit de Rosandepolder, ten zuiden van Oosterbeek. Bij de Molenplaats in Sonsbeek hebben ze een maquette van hoe het park er in 1770 uitzag. Daarna kocht een baron het park op en werden alle molens gesloopt. Bijna de witte watermolen ook. Die is gered door een Van Silfhout. Echt waar. L’histoire se répète’’, zegt hij met een grijns.
De witte watermolen is niet de enige samenwerkingspartner van GraanGeluk. Inmiddels bestaan samenwerkingsverbanden met negen molenaars, veertig boeren, drie brouwers en drie herders. Maar dat de witte watermolen voor GraanGeluk draait, is pas één ding, Van Silfhout wil de tijd dat Arnhem een korenstad was in z’n geheel terugbrengen. ‘‘De wortels van de stad zijn weggepoetst’’, zegt hij. ‘‘Het is geweldig dat onze Bakkerista in het Spijkerkwartier zit, want dat speelde ook een rol in dat verleden als korenstad. De naam van de wijk is afgeleid van spieker, wat graanopslag betekent. De Korenmarkt werd ook gebruikt voor graanopslag. En waar nu de Blauwe Golven zijn, was een haven. Ik wil van Arnhem weer die korenstad maken.’’
Graandeelhouders
‘Terug naar de toekomst’, noemt Van Silfhout zijn aanpak. ‘‘Met een lokaal, streekgeoriënteerd, geproduceerd biologisch product. Dat we lokaal en regionaal afzetten.’’ Hij werkt samen met overheden om dat te kunnen realiseren en spreekt ook subsidiepotten en fondsen aan. ‘‘Daarnaast is de Stichting Administratiekantoor Groot Graandeelhouders opgericht. Voor 1000 euro krijgen deelnemers een certificaat en korting op onze producten. We nemen hen vervolgens mee in het hele verhaal.’’
Waar het succesverhaal van GraanGeluk verder toe leidt? ‘‘We hebben de keten al deels hersteld. Met een korte productielijn en sterk op de streek en regio gericht. Stel dat Nederland overgaat op 300.000 hectare agro-ecologisch akkerland en kruidenrijk gras, dan lossen we met ons GraanGeluk-concept het stikstofprobleem op. En dan heb je ook voor 50 procent voedselzekerheid. Het hoeft dan niet allemaal GraanGeluk te heten, maar we moeten wel naar agro-ecologie toe. Mensen worden er ook gelukkig van. Het biedt werkgelegenheid, er wordt ambachtelijk gewerkt, je staat tussen je eigen product en het resultaat is lekker.’’
