Skip links
Sophie Mulder

Hotel Papendal linkt topsport aan het zakelijk leven

Share

Je verwacht misschien topsporters te treffen wanneer je Hotel Papendal op het gelijknamige sportcentrum in Arnhem binnengaat, maar op de dag dat we general manager Sophie Mulders (40) spreken, zijn het cardiologen die je er tegen het lijf loopt. De Nederlandse Vereniging voor Cardiologie (NVVC) houdt haar jaarlijkse najaarscongres in het hotel op Papendal.

 

Tekst: Marco van Nek – Beeld: Elly Molenaar

 

‘‘De zorgsector weet ons goed te vinden’’, zegt Mulders, die het hotel op het topsportcentrum nu drie jaar runt. Ze begrijpt de verwachting van de bezoeker vooral topsporters te zien, maar er gebeurt veel meer. ‘Papendal wordt sterk gelinkt aan de topsport en dat is logisch. Van de vijf TeamNL topsportcentra in Nederland is Papendal de grootste. Papendal heeft er aan bijgedragen dat we als klein land zoveel medailles hebben gewonnen. Van vijftien sportbonden trainen in Arnhem de beste talenten en topsporters in fulltime trainingsprogramma’s, gecombineerd met onderwijsbegeleiding en medische voorzieningen. Als traingscentrum behoort Papendal tot de beste ter wereld. Er is hier een heel ecosysteem om topsporters zo optimaal mogelijk te laten presteren. Niemand linkt Papendal aan een hotel waar ook vergaderingen en congressen kunnen worden gehouden en groepen kunnen worden ontvangen. Waar de topsport aan het zakelijk leven kan worden gelinkt.’’

 

Maar dat is wel wat in Hotel Papendal gebeurt. ‘‘De link zit ’m er onder andere in dat hier bijvoorbeeld clinics door oud-topsporters aan bedrijven kunnen worden gegeven. Dat we voor sprekers uit de topsport kunnen zorgen. We zijn nu aan het kijken of we bedrijven ook vitaliteitsprogramma’s kunnen aanbieden, in samenwerking met het Sport Medisch Centrum Papendal. Vitaliteit wordt steeds belangrijker voor bedrijven. Als topsportcentrum wil je zo bijdragen aan de maatschappij’’, vertelt Mulders.

 

Hotel Papendal

Hotel financiert topsport

Het hotel speelt ook een belangrijke rol in de financiering van de topsport op Papendal. ‘‘25 procent van de opbrengst van het hotel gaat naar het topsportcentrum. Dat is voor ons bij het hotel wel een uitdaging in het ondernemen, maar we steunen de topsport ermee. De exploitatie van het nationaal sportcentrum als zelfstandige onderneming is voor een deel afhankelijk van subsidie, maar drijft ook voor een groot deel op het eigen verdienvermogen op het terrein. Je moet dan denken aan de verhuur van kantoorruimtes en de zakelijke kant van het hotel via de opbrengsten van congressen, evenementen, bedrijfssportdagen en uit toerisme. Daarmee wordt bijgedragen aan de financiering van de Nederlandse sport. En dat is nodig ook. De Nederlandse overheid stopt er maar weinig geld in en de topsport moet zijn eigen broek ophouden.’’

 

Waar Hotel Papendal nu is te vinden, was bij de opening van sportcentrum Papendal op 7 mei 1971 door prinses Beatrix een sporthotel met 120 slaapplaatsen. Het huidige hotel met 150 kamers is op 7 mei 1993 door -toen nog- prins Willem-Alexander geopend, als multifunctionele congres- en evenementenlocatie met een driesterrenhotel. Mulders probeert de bezetting van de kamers in het hotel omhoog te krijgen en meer zakelijke partijen en groepen binnen te halen voor vergaderingen en congressen. ‘‘Veel mensen denken dat Papendal niet zo toegankelijk is. Het is niet zichtbaar wanneer je er langs rijdt, het ligt beschut tussen bomen. Maar als gasten ons eenmaal hebben gevonden, blijven ze vaak komen. Dat is een compliment. Er is hier ook veel mogelijk. Sommige bedrijven hebben de ruimte nodig. Wij hebben voor hen bijvoorbeeld een evenemententerrein. De mogelijkheden zijn eindeloos. Naast de zorgsector richten we ons onder andere op de financiële markt en de trainingsmarkt.’’

 

Maar iedereen is welkom benadrukt de general manager van het hotel. ‘‘Naast de zakelijke markt zijn we er ook voor onze leisuremarkt. Grote groepen of kleine gezelschappen. Het kan allemaal.’’

Programma’s op maat

Voor sporters is het hotel wel een ideale uitvalsbasis. Verenigingen die een trainingsweekend met hun teams hebben, fietsgroepen, triatlon ook. ‘‘We kunnen hun fietsen herbergen, programma’s op maat maken en de voeding op hun wensen aanpassen. Onze keuken wordt aangestuurd door de chef die ook verantwoordelijk is voor de topsport. Er is contact met de diëtisten van de sportbonden en er vindt afstemming plaats. De kennis qua hoeveelheid calorieën, proteïnen en voedingswaarden hebben wij voor die groepen in huis. Daar kan geen enkel ander bedrijf tegenop.’’

 

Soms logeren ook sporters van verder weg bij Hotel Papendal, maar dat zijn dan meestal       (semi-)profs. ‘‘Voor normale verenigingen in Nederland zijn we ook te boeken. Ons grote aantal kamers van 150 is daarbij een voordeel. De bezetting daarvan willen we graag omhoog zien gaan. Of je hier nu bent als prof of semi-prof. Wij bieden voor al deze sporters de mogelijkheden.’’

 

Aan de ene kant probeert Mulders de bezetting van het hotel op te krikken, op andere momenten -bij grote congressen of zakelijke events- is de druk op het hotel te groot. ‘‘Dan ben ik heel blij met verschillende hotels in de nabije omgeving. Wij wijken dan uit naar hen. Die samenwerking is goed.’’

 

Hotel Papendal

Leuk om in horeca te werken

Mulders begon drie jaar geleden als general manager van Hotel Papendal. ‘‘We kwamen net uit de coronatijd en ik ben gaan bouwen. Zodanig dat er weer voldoende omzetgroei is. Dat was lastig, want er is veel personeelsverloop. Het is niet eenvoudig goed personeel te krijgen. De horeca loopt als sector waar je in wil werken achteruit. Dat is na de coronatijd erger geworden. Het is één van de leukste banen, maar wordt in Nederland niet echt als vak gezien. Onze organisatie is operationeel één van de meest dynamische plekken om te werken. De ene dag bedien je vijfhonderd man op een congres, de volgende maak je een lunch voor een groep topsporters of zakelijke gasten. De horeca wordt als niet aantrekkelijk gezien, maar het is wel de mooiste baan. Zeker hier, in de topsport.’’

 

De general manager ziet volop kansen voor het hotel. Neem de Edese Golf Club Papendal, die het terrein waarop ze spelen van Hotel Papendal huurt. ‘‘Er is in het verleden geprobeerd arrangementen voor golfers aan te bieden, maar daar is weinig van terechtgekomen. Ik zie de potentie daarvan nog steeds. Maar er liggen nog zoveel kansen hier, soms word ik overspoeld door wat allemaal mogelijk is. Je kan niet alles doen en zeker niet alles tegelijk. De kunst is focus te houden en voorlopig ligt die focus op waar we goed in zijn. Dat zijn de zakelijke markt en grote partijen. Daar zijn we heel goed in.’’

Blijven investeren

Waar Mulders met zorgen naar kijkt, is de btw-verhoging die in 2026 ingaat, van 9 naar 21 procent. Door kostenstijgingen de afgelopen jaren staan de marges al onder druk, maar doorberekenen aan de gast gaat-ie wel voelen. 12 procent erbij is fors en dat doet pijn. Buurlanden hebben een btw-percentage van 6 à 7 procent. Dat gaan we merken en daar moeten we mee dealen. Misschien zeggen we over twee jaar wel dat er niets van hebben gemerkt, maar daar geloof ik niet echt in.’’

 

Maar de ontwikkelingen en de innovatie blijven bij Hotel Papendal wel echt doorgaan. ‘‘We blijven investeren in het pand en het hotelproduct. We zorgen ervoor dat we toonaangevend blijven. Stilstaan is geen optie.’’

 

Dit is een artikel uit Arnhem Insight Editie #2. Lees het hele magazine hier.